MRI-team

U bevindt zich hier: Home | Afdelingen | Radiologie afdeling | MRI-team

contact icoon

telefoon: 0492-595555

meer contactinformatie

MRI-team

Wat is het MRI-Team

Het MRI-team is een team radiologisch laboranten met als specialisatie magnetische resonantie.

Wat betekent MRI?

MRI staat voor Magnetic Resonance Imaging ofwel afbeelding door middel van 'magnetische trillingen'. Het eerste prototype van de M.R.I. scanner is pas in 1980 gemaakt. Dus MRI is als diagnostische onderzoeksmethode relatief jong.

Wat is MRI?

MRI is een techniek die wordt gebruikt om delen in het lichaam zichtbaar te maken die veelal met gewone röntgenfotografie niet af te beelden zijn. Het grote voordeel van de MRI-scan is dat weke delen (organen, spieren, pezen etc.) af te beelden zijn. Een magneet brengt de protonen in het te scannen lichaamsdeel in een soort evenwicht. De protonen worden dan "aangeslagen" door een radiogolf. De radiogolf stopt weer en de protonen zenden de extra opgenomen energie weer uit. Een antenne vangt dit signaaltje op en een computer maakt hiervan een beeld.

In plaats van straling wordt dus een zeer sterke magneet gebruikt. Eigenlijk zijn 3 onderdelen essentieel om afbeeldingen te kunnen maken: de magneet, een radiozender/ontvanger-eenheid voor radiopulsen zenden/ontvangen (10-85 Megahertz) en
een computer.

Hoe werkt MRI?

In het kort komt het maken van een plaatje met behulp van de MRI-scanner hierop neer: Een patiënt schuift in een ronde magneet waardoor alle waterstofprotonen in het lichaam (in iedere cel aanwezig, echter in verschillende hoeveelheden) een richting op gaan wijzen.

Normaal gesproken wijzen deze protonen alle kanten op. nu wordt er door de magneet meer orde gecreëerd (binnenkort ziet u een afbeelding die dit illustreert). Via de computer (en de röntgenlaborant) wordt bepaald welk lichaamsdeel afgebeeld gaat worden.

Door het magneetveld, dat in de gehele scanner dezelfde sterkte heeft, veel te gaan variëren wordt deze scanplaats in het lichaam bepaalt. Deze magneetsterkte wordt groter dan wel kleiner gemaakt met behulp van elektrische spoelen, waarin de elektriciteit heel snel wisselt. Deze elektrische schakelingen maken het lawaai tijdens de scan (en bevinden zich dus ook in de tunnel).

Nu moeten alleen de protonen in het geselecteerde lichaamsdeel een signaaltje gaan uitzenden dat de computer om kan zetten in een plaatje. De elektrische spoelen zorgen ervoor dat alleen het gekozen objectdeel het juiste signaal opvangt en vervolgens weer uitzendt. Dit signaal uitzenden wordt mogelijk gemaakt door eerst een radiosignaal in de patiënt te sturen en het daarna weer op te gaan vangen met een spoel. De radiopuls die 'ingestraald' wordt, wordt even geabsorbeerd door de protonen. Als het radiosignaaltje weer stopt, wordt de geabsorbeerde radio-energie weer uitgezonden. Ieder weefsel heeft nu een eigen manier (snelheid en sterkte) van uitzenden, waardoor onderscheid mogelijk wordt gemaakt tussen de weefsels. Een radiozender ontvangt al deze kleine signalen en geeft dit door aan de computer die deze signaaltjes omzet in zwart/wit puntjes. Weefsel dat veel radiosignaal afgeeft wordt dan wit op de computer, weefsel dat heel weinig signaal afgeeft blijft zwart. Wel zijn er zeer veel metingen nodig om ieder 'protonenpakketje' in het af te beelden weefsel op de juiste plaats op de computer weer te geven!

MRI-scanner

De ronde tunnel is de grote magneet die zeer homogeen moet blijven (overal dezelfde magnetische veldsterkte) zodat ieder lichaamsdeel op dezelfde manier wordt beïnvloed.
Om de magneet op de juiste sterkte te houden wordt deze super gekoeld gehouden met Helium (-273°C waardoor geen weerstand). Het rondpompen van dit edelgas geeft het zachte bonzende geluid in de kamer. Omdat de magneet op deze temperatuur moet blijven staat de scanner nooit uit! Ook bevinden zich de elektrische schakelingen in de tunnel die de plaatsbepaling in het lichaam tijdens de scan bepalen. Dit snelle schakelen (van deze bijmagneten) maakt de enorme herrie tijdens de scan.

Metaal mag niet in de MRI

Metaal mag niet in de MRI. Daarom is het prettig als de patiënt gemakkelijke kleding aantrekt, zonder sluitingen, ritsen, haakjes etc.. Ook een BH met haakjes of beugel kan niet in de scanner. Sieraden moeten worden verwijderd, evenals horloges! Ook mag er niets van metaal in de zakken blijven zitten, zoals sleutel, pennen, aanstekers. Bank- of creditcards zullen niet meer werken als deze te dicht bij de magneet zijn gekomen.

Een patiënt moet zo comfortabel mogelijk gaan liggen, omdat iedere kleine beweging tijdens de scan de opnamen doet mislukken. De laborant heeft genoeg hulpmiddelen om een patiënt hierbij te helpen. Er zullen vaak meerdere scans worden gemaakt (3 tot 9 minuten per scan). Het totale onderzoek duurt tussen de 15 en 45 minuten.
Soms is het nodig een contrastmiddel toe te dienen via een ader in de arm. Als dit tijdens een scan gebeurt, is het erg belangrijk niet te bewegen (met het lichaamsdeel dat wordt gescand). De patiënt merkt van deze vloeistof niets. Het zorgt er alleen voor dat bepaalde delen van het lichaam sneller radiosignaal uitzenden en zo beter te zien zijn. Als dan deze beelden worden vergeleken met de beelden zonder contrastmiddel kan de radioloog de diagnose stellen.

Gevaren van de MRI

MRI is gevaarlijk vanwege de sterke magneet. De scanner op onze afdeling heeft een sterkte van 1,5 Tesla. De magneetsterkte wordt aangegeven in Gauss of Tesla. 1,5 Tesla is 15.000 Gauss. Het magneetveld van de aarde is 0,3 tot 0,7 Gauss, de magneet van een koelkast 100 Gauss (=0,01 T).

Door de magneet kan een metaal voorwerp, als een projectiel naar de magneet worden getrokken. Dit kan al met een pen, maar als een schaar, zuurstoffles of rolstoel in de MRI-kamer komen, zijn de gevolgen niet te overzien. De MRI-scanner staat nooit uit. Dus is het belangrijk om altijd alert te zijn!